

Pastoor Joannes van Beek
Functies:
- Kapellaan te Eindhoven (1830-1847)
- Pastoor te Geldrop (1847-1853)
- Pastoor van de Waterstaatskerk te Kaatsheuvel (1853-1864)
Ouderlijk gezin
Joannes van Beek werd geboren op 10 januari 1804 te Raamsdonksveer, als zoon van zijn gelijknamige vader (1767-1823) en Pitronella Vissers (1778-1849). Hij had ook nog een twee jaar jongere zus, Henrica Francisca de Swart- Van Beek (1806-1884).
Pastoor te Kaatsheuvel
Van Beek begon zijn geestelijke loopbaan in het jaar 1830 toen hij kapelaan werd te Eindhoven. Later zou hij ook nog pastoor te Geldrop worden, een rol die hij zo'n zes jaar vervulde. Zijn pastoraat te Geldrop ging in 1853 over naar een pastoraat in Kaatsheuvel, waar hij de reeds overleden pastoor Zoethout (1793-1853) opvolgde. Dat was een bijzonder jaar: 1853. Dat was namelijk het jaar waarop de bisschoppelijke hiërarchie in Nederland werd hersteld en er dus weer bisschoppen mochten zijn. Het luidde een nieuwe tijd in: een nieuw elan en nieuwe vitaliteit. Katholieken waren niet meer bang en lieten hun stem horen.
Pastoor Van Beek getuigt daarvan, als hij per brief aan de Eerste Kamer van de Staten Generaal heftig protesteert tegen de voorgestelde wet op de kerkgenootschappen. Zijn motief om te schrijven is tweeledig: hij is burger (vaderlander) en katholiek.
Hij begint zijn brief daarom als volgt: ''Als getrouwe en opregte Nederlanders, gehecht aan Vorst en Vaderland, maar niet minder gehecht aan hun heilige Godsdienst….''
De brief wordt mede ondertekend door de kapelaans. De aanhef van de genoemde brief is een duidelijk voorbeeld van het eeuwenoude dilemma waarin gelovigen zich bevinden: ''Ze leven in deze wereld, maar zijn niet van deze wereld'' (Joh. 17,16-18).
Maar juist die positie biedt de mogelijkheid tot een kritisch geluid, ook in politieke kwesties. Tegenwoordig valt het katholieke geluid in de publiciteit, ook van de kant van de Kerk, vaak stil.
Overlijden
Pastoor Van Beek komt op 27 april 1864 te overlijden op 60-jarige leeftijd en zijn graf is een van de vier gerestaureerde pastoorsgraven op het huidige St. Janskerkhof. Tijdens zijn priesterschap kwam er in de Waterstaatskerk een orgel en een klok aan de kerk.
Op zijn graf staat de volgende tekst:
"Ter zaliger gedachtenis van den weleerw. heer Joannes van Beek.
Geboren te Raamsdonksveer 10 januari 1804 Kapellaan te Eindhoven 1830 Pastoor te Geldrop 1847 Pastoor te Kaatsheuvel 1853 en aldaar overleden 27 april 1864.
Velen zullen zyne wysheid prijzen... zyne gedachtenis zal niet vergaan… en de Gemeente zal zynen lof verkondigen.
Eccl: XX1X. 12-14 R.I.P.
Het bijbelcitaat verwijst naar het boek Jesus Sirach (vroeger werd dit boek Ecclesiasticus genoemd), maar dan niet wat op de grafsteen staat, hoofdstuk 29, vers 12 tot en met 14, maar het slaat op hoofdstuk 39, vers 10: De volken zullen melding maken van zijn wijsheid en de gemeente zal zijn lof verkondigen.
En de regel Zijn gedachtenis gaat nooit verloren komt uit vers 9 van dit hoofdstuk. Blijkbaar heeft men een X vergeten. Er staat XXIX (29) in plaats van XXXIV (39). En voor wat betreft de andere nummering van de verzen. Dat heeft te maken met een andere telling van de verzen in dit bijbelboek. In de tijd van pastoor Van Beek was het inderdaad 12-14. Tegenwoordig is dat 9-10 geworden.
Pastoor Van Beek werd als pastoor van de Waterstaatskerk opgevolgd door Joannes van Mierlo (1820-1870).